Volmacht
19-02-2010 16:15
Hoge Raad, publicatiedatum 19/2/2010
Enkel A is bevoegd Bera, een vennootschap die is opgericht door A en B en is gevestigd in Suriname, te vertegenwoordigen. A heeft een bankrekening geopend bij ING ten behoeve van Bera en heeft daartoe een offerte en een handtekeningenkaart getekend. De afschriften zijn op verzoek van A naar een vennootschap gestuurd waarin B de zeggenschap heeft en die in Nederland gevestigd is. ING heeft vervolgens op verzoek van B bedragen van die rekening overgemaakt naar rekeningen van vennootschappen van B. A heeft een aantal overboekingen betwist. ING verklaarde dat zij in de overtuiging verkeerde dat B bevoegd was Bera te vertegenwoordigen, aangezien er nooit eerder klachten van A waren geweest, de rekeningafschriften ter attentie van B werden verstuurd en A en B soms ook samen naar de bank kwamen. Als de bank gerechtvaardigd heeft vertrouwd op volmachtverlening aan B, kan sprake zijn van toerekening van schijn van volmachtverlening, aldus de Hoge Raad. Dat gerechtvaardigd vertrouwen moet gebaseerd zijn op grond van feiten en omstandigheden die voor risico van de vennootschap komen en waaruit naar verkeersopvattingen zodanige schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid kan worden afgeleid.
Bekijk hier alle actualiteiten